Een Jungiaans Coach kan:

  • professioneel begeleiden in of coachen op zowel pijn als verlangen – hij kent de eigen pijn en het eigen verlangen en weet zijn cliënten (individuen, teams, organisaties) hier professioneel naar toe te leiden om het vruchtbaar te maken.
  • werken met schaduw en schaduwdelen – hij kent zijn eigen schaduwdelen en weet deze bij zijn client – mits client hiervoor open staat en toestemming geeft –  in beeld te brengen zodat client deze in de bewuste persoonlijkheid kan integreren.
  • kan ego, persona en zelf betrekken in het begeleidingsproces – hij heeft bewustzijn op het eigen ego, de persona en het zelf en weet hoe deze zich in hemzelf tot elkaar verhouden. Evenzo kan hij dit vragenderwijs bij zijn client in bewustzijn brengen.
  • heeft als focus individuatie en ontwikkelingsgericht werken – hij heeft een specifieke visie op de wijze waarop clienten begeleid kunnen worden wanneer zij zich tot hem wenden met hun vragen,wensen en problemen. Hij respecteert de wens van de client om zo snel mogelijk een oplossing te vinden, maar nodigt zijn client tevens uit om te onderzoeken hoe diens vraag,wens, probleem zou kunnen bijdragen aan diens authentieke ontwikkeling. M.a.w. hij hanteert een finale benadering. Het spreekt vanzelf dat – als basis hieronder – uit eigen ervaring weet wat het is om aan de eigen individuatie te werken en voortdurend in ontwikkeling te zijn.
  • weet drijfveren in beeld te brengen en patronen te herkennen (en met name ook de onbewuste) – hij is in staat om onderliggende (en vaak niet bewuste) drijfveren en patronen van een client  boven water te krijgen om deze vervolgens te transformeren danwel client te leren ermee om te gaan. Deze vaardigheid is niet alleen van belang bij individuele vraagstukken maar ook wanneer de coach betrokken is bij werving en selectie van kandidaten van opdrachtgevers, het opstellen van een ontwikkelingsplan voor cliënten of werknemers van opdrachtgevers en het bouwen of ontwikkelen van een succesvol team.
  • is in staat om met een client vanuit diens vraag naar het onderliggende thema te komen (zie ook hierboven bij individuatie en ontwikkelingsgericht werken).
  • weet het bewuste, het persoonlijk onbewuste en het collectief onbewuste helder te onderscheiden en kan hier effectief mee werken in begeleidinsgprocessen.
  • kent de archetypes (onbewuste sturing vanuit het collectief onbewuste) en hun werking – hij kan deze in beeld  brengen en met een client de essentie en de betekenis daarvan vinden in een begeleidingsproces.